Into Balance
fysiotherapiepraktijk

Pilates

Pilates Toen ik jaren geleden mijn eerste Pilatesles volgde, moest ik erg wennen aan de ‘traagheid’ van de oefeningen. Zouden die nu echt effectief zijn?

Lees meer
fysiotherapiepraktijk

Sensorische Informatieverwerking (S.I.)

Sensorische Informatieverwerking (S.I.) Sensorische Informatieverwerking (S.I.) is het kunnen opnemen, selecteren en integreren van informatie die door de zintuigen wordt geregistreerd. De ontwikkeling van de

Lees meer

Sensorische Informatieverwerking (S.I.)

Sensorische Informatieverwerking (S.I.) is het kunnen opnemen, selecteren en integreren van informatie die door de zintuigen wordt geregistreerd. De ontwikkeling van de zintuigen begint al tijdens de zwangerschap in de baarmoeder. De zintuigen maken voor en na de zwangerschap een eigen ontwikkeling door, maar werken niet afzonderlijk.

Bij sommige kinderen verloopt de verwerking van informatie niet zo vanzelfsprekend en soepel. Daardoor verlopen allerlei activiteiten in het dagelijkse leven moeizaam. Deze kinderen nemen informatie rommelig waar, ervaren sensorische informatie sterker of juist minder sterk dan anderen. Vooral omdat de sensorische informatie niet goed aan elkaar is gekoppeld.

fysiotherapiepraktijk

Er is een grote samenhang tussen sensorische informatieproblemen en gedrag. Omdat een kind met deze problemen een minder georganiseerd brein heeft, is een deel van zijn gedrag dat ook. Problemen in de sensorische informatie komen in allerlei gradaties voor; van heel licht tot zwaar, en zijn per kind verschillend. Deze problemen kunnen ook naast andere stoornissen zoals ADHD, ASS of spraak- taalproblemen voorkomen.

Het onvermogen van kinderen om soepel te kunnen reageren op prikkels door sensorische informatieproblemen is niet dat ze niet willen, maar komt omdat ze het niet kunnen.

 

Voorbeelden storingen in de S.I.

Graag geef ik daarvoor wat voorbeelden:

Soms heeft een kind een lage drempel voor een of meer zintuigen. Daardoor kan het bijvoorbeeld weinig onderscheid maken tussen belangrijke en onbelangrijke prikkels, of er worden te veel prikkels als belangrijk ervaren of er kunnen te veel prikkels binnenkomen door een of meer zintuigen. Kinderen kunnen hier passiefop reageren waardoor ze te weinig prikkels filteren en heel gevoelig voor prikkels worden. Of ze kunnen actief reageren door prikkels te vermijden die alarmerend binnen komen.

Als de gevoeligheid voor prikkels hoog en hun reactie passief is kunnen ze snel afgeleid raken door prikkels van buiten af waardoor ze zich moeilijk kunnen concentreren. Ze kunnen moeite hebben met het vinden van een voorwerp in een rommelige la. Ze kunnen van streek raken bij haren wassen of tanden poetsen. Ze kokhalzen bij pitjes of harde stukjes in het eten. Ze zijn snel wagenziek en reageren hevig op kleine balansverstoringen. Deze kinderen zijn snel afgeleid en kunnen hyperactief zijn. Omdat ze snel afgeleid zijn door de aandacht te richten op de laatste prikkel die binnenkomt, missen ze veel informatie. Ze raken daardoor van streek en hebben moeite een taak vol te houden.

Reageert een kind actief dan vertoont het prikkelvermijdend gedrag. Ze houden dan bijvoorbeeld hun handen voor de oren als een vliegtuig overvliegt of op de kermis. Ze knijpen hun ogen tot spleetjes bij fel licht. Ze houden vaak ook niet van over de kop gaan en koppeltje duiken. Het liefst willen ze stevig met hun voeten op de grond blijven. Deze kinderen houden niet van onverwachte veranderingen of onvoorspelbare prikkels. Waar ze wel van houden zijn vaste rituelen zodat ze de controle over de situatie hebben. Ze manifesteren zich vaak als de leider en komen soms ‘bazig’ over. Soms hebben deze hypersensitieve kinderen bij de minste aanleiding een plotselinge emotionele uitbarsting.

Maar kinderen kunnen ook een hoge drempel voor prikkels hebben. Daardoor kunnen ze veel prikkels als onbelangrijk ervaren. Of er komen te weinig prikkels binnen van een of meer zintuigen. Ze reageren onvoldoende op prikkels. Als ze hier passief op reageren registreren ze prikkels gebrekkig, ze hebben erg veel prikkels nodig om te kunnen functioneren. Maar kinderen kunnen ook actief reageren door zelf actief prikkels te zoeken om die hogere prikkeldrempel ‘te halen’.

Bij een gebrekkige, passieve registratie reageren ze vaak niet op het roepen van hun naam, ze lijken niet op te merken wanneer ze aangeraakt worden en laten kleding vaak gedraaid om hun lichaam zitten. Deze kinderen lijken ongeïnteresseerd, hebben een laag energieniveau en komen soms apathisch over. Ze lijken in zichzelf verdiept.

Bij een actieve reactie vertonen ze juist prikkelzoekend gedrag. Dat kan zich uiten door: lawaai maken omwille van het lawaai, genieten van geluiden, op de stoel wiebelen aan tafel, regelmatig even gaan staan, kauwen op potloden of op de touwtjes van de capuchon. Deze kinderen zijn erg actief, steeds in de weer en laten zich vaak expres vallen. Ze lopen graag op blote voeten, draaien zichzelf vaak rond, zoeken in de speeltuin toestellen die ronddraaien en zoeken sowieso veel bewegingsactiviteiten op. Ze kunnen opgewonden overkomen en hebben vaak weinig gevoel voor veiligheid.

 

Zintuigelijk Activiteiten programma

Na bestudering van de ingevulde Sensory Profile vragenlijst en de anamnese wordt duidelijk wat de sterke en zwakke kanten van de S.I. zijn. We bekijken daarna samen in welke mate de S.I.-problemen het dagelijkse leven beïnvloeden en wat de basissymptomen zijn. Voorbeelden van basissymptomen kunnen houdingsonzekerheid en gevoeligheid voor geluiden zijn. Gerelateerde problemen zijn bijvoorbeeld snelle afleidbaarheid, stress, maar ook slaapproblemen, agressiviteit of afwijkend gedrag.

Aan de hand van alle gegevens wordt een Zintuigelijk Activiteiten Programma (ZAP) samengesteld. Daarbij is de aanpak niet gericht op één specifiek zintuig. Er wordt gekeken op welke gebieden problemen bestaan en welke zintuigelijke informatie gestimuleerd of juist beperkt moet worden. De problemen kunnen in verschillende situaties op een andere manier tot uiting komen. Daarom wordt er vaak een ZAP voor thuis en op school opgesteld. Het kind en de ouders hebben ook inbreng in het Zintuigelijk Activiteiten programma. Hierdoor wordt het kind ondersteund bij de verwerking van de sensorische informatie waardoor informatie beter binnenkomtDaardoor zal het kind zich beter in zijn vel gaan voelen wat invloed heeft op zijn of haar ontwikkeling en gedrag..

Merel

 

Voor meer informatie: NSSI